Pilot's Notes Lysander Gedateerd: 1941
€ 18,50
"Pilot's Notes" voor de Westland Lysander verwijst naar de officiële handboeken van het Air Ministry (specifiek Air Publication 1582C) die tijdens de Tweede Wereldoorlog werden uitgegeven. Deze handleidingen hielpen piloten om te gaan met de unieke, zeer veeleisende cockpitindeling en de vliegeigenschappen van dit legendarische STOL-vliegtuig (Short Takeoff and Landing).
De technische specificaties en opvallende eigenschappen uit deze historische documenten laten zien waarom de Lysander zowel een mechanisch hoogstandje als een uitdaging om te vliegen was:
Cockpit & Systemen
- Pneumatisch remsysteem: Uitgerust met een specifieke Britse remdrukmeter. De buitenste naald geeft de totale luchtdruk van het pneumatische systeem aan, terwijl kleinere binnennaalden de druk voor het linker- en rechterwiel afzonderlijk tonen.
- Sturen op de grond: Het toestel heeft geen stuurbare staartwielbesturing of voetremmen. Piloten gebruiken een handgreep (vergelijkbaar met een fietsrem) op de stuurknuppel om de remmen te activeren voor bochten op de grond.
- Snelheidsmeter: De wijzerplaat draait twee keer rond; de buitenste ring loopt tot 200 mph, terwijl hogere snelheden op een binnenste ring worden afgelezen.
- Propellerbediening: Werkt via een eenvoudige standenselector voor de spoed. De piloot duwt de hendel naar voren voor een fijne spoed (starten) en trekt deze naar achteren voor een grove spoed (kruissnelheid in de lucht).
- Brandstofcontrole: Omdat de brandstoftanks direct achter de stoel van de piloot zitten, is er een ingebouwd spiegeltje gemonteerd zodat de piloot via een omweg de anders onzichtbare brandstofmeter kan aflezen.
Vliegeigenschappen en Besturing
- De beruchte staarttrim: De Lysander gebruikt een volledig bewegend stabilisatorvlak in plaats van een traditionele trimtab. Om van de volledige neus-omlaagstand naar de neus-omhoogstand voor de start te gaan, moet de piloot 16 volledige slagen aan een groot trimwiel in de cockpit draaien. Dit was een zware en risicovolle handeling tijdens drukke momenten.
- Automatische slats en flaps: Het vliegtuig is voorzien van mechanisch gekoppelde, automatisch werkende welvingskleppen (flaps) en voorvleugelkleppen (slats). Deze klappen volledig zelfstandig uit op basis van de luchtstroom en vliegsnelheid om overtrekken (stallen) tijdens langzame manoeuvres te voorkomen.
- Extreem lage overtreksnelheid: Dankzij de speciale hoogrenderende vleugels heeft de Lysander een opmerkelijk lage overtreksnelheid van ongeveer 56 tot 60 mph (ca. 90-95 km/u). Dit maakte het toestel ideaal om in het diepste geheim agenten van de Special Operations Executive (SOE) af te zetten op kleine, onverlichte Franse veldjes.
- Hete cockpitomgeving: De olietank en koelers van de motor zijn vlak achter het instrumentenpaneel bij de benen van de piloot gemonteerd zonder zware isolatie. Hierdoor kon de temperatuur in de cockpit tijdens de vlucht enorm oplopen.

