Duitse "Pruisen" Tschako
De Pruisische grenadiersshako voor manschappen is een iconisch militair hoofddeksel dat binnen de Pruisische infanterie een specifieke historische ontwikkeling doormaakte.
Waar de reguliere infanterie (musketiers) en de elite-grenadiers in de 18e eeuw voornamelijk de bekende koperen puntmutsen (Grenadiermütze) droegen, werd de shako (of Tschako) vanaf de vroege 19e eeuw geïntroduceerd.
Hieronder volgt een overzicht van de belangrijkste kenmerken, de verschillende modellen en de specifieke onderdelen van de manschappenshako.
1. Belangrijkste Kenmerken (Manschappen)
In tegenstelling tot officiersmodellen, die vaak gemaakt waren van fijn vilt of hoogwaardig leer met zilveren of gouden details, was de shako voor manschappen functioneler en soberder uitgevoerd:
- Materiaal: De basis bestond uit zwaar, zwartgekleurd gekookt leer of stevig vilt met een leren bovenkant en klep.
- Beslag: Metalen onderdelen (zoals de frontplaat en de stormriem-gespen) waren voor manschappen meestal uitgevoerd in eenvoudig messing of blank ijzer (later veldgrijs), in plaats van verguld of verzilverd metaal.
- Binnenwerk: De binnenzijde was voorzien van een robuuste, bruin- of zwartlederen zweetband met lederen flappen ("vingers") die met een koord op maat konden worden gestrikt.
2. Historische Ontwikkeling van de Grenadiersshako
De Napoleontische Oorlogen (Modellen 1807 - 1815)
Tijdens de legerservormingen na de nederlaag tegen Napoleon in 1806, stapte Pruisen voor de reguliere linie-infanterie en de grenadiers over op de shako.
- Vorm: Een hoog, cilindrisch model dat naar boven toe licht uitliep.
- Details voor Grenadiers: Grenadierscompagnieën onderscheidden zich van de gewone musketiers door een witte pompon (wollen bol) of een rode haarpluim (Stutz) bovenop de shako.
- Frontplaat: Manschappen droegen vaak een eenvoudige koperen of messing plaat, of tijdens veldtochten een sobere zwarte oliedoek-hoes ter bescherming tegen de regen, waarbij het regiment soms met verf of een sjabloon op de hoes werd aangeduid.
Het Duitse Keizerrijk (Modellen 1895 - 1915)
Richting de Eerste Wereldoorlog droegen de meeste Pruisische grenadiersregimenten de bekende Pickelhaube (punthelm), maar de shako bleef als vast hoofdeksel bestaan voor specifieke eenheden zoals de Jäger (lichte infanterie) en bepaalde Garde-eenheden.
- Model 1895: Gemaakt van zwart gelakt leer met een messing Pruisische adelaar of de Gardester (voor elite-grenadiers) op het front. Aan de zijkanten zaten de tweekleurige kokardes bevestigd: de zwart-witte Pruisische kokarde en de rood-wit-zwarte Rijkskokarde.
- Model 1915 (Oorlogsmodel): Vanwege materiaalschaaarste en camouflage-eisen in de loopgraven werden de messing onderdelen vervangen door mat, veldgrijs geverfd ijzer of zink, en werd de shako in het veld afgedekt met een doffe, rietgroene of grijze textielhoes.
Reproductie.
Maat: 59

